Een draaimolen op een speelterrein
Foto: Peter Cooper Jr., CC0 via Wikimedia Commons

De draaimolen en de wip

Twee toestellen die iedereen van vroeger kent en die je vandaag minder tegenkomt dan je verwacht: de draaimolen en de wip. Op onze kaart staan er 118 draaimolens en 248 wippen, tegenover 644 schommels en 593 glijbanen.

Dat verschil is groot genoeg om iets te betekenen, maar wat precies weten we niet. Het kan zijn dat er minder staan, en het kan zijn dat ze minder vaak worden ingetekend. Zie welke toestellen staan er.

De draaimolen is teruggekomen

De oude draaimolen — een metalen schijf op een as — verdween jarenlang uit nieuwe speeltuinen. Het probleem was niet het draaien maar de rand: een kind dat eraf valt terwijl het ding nog draait, komt eronder.

De uitvoeringen die er nu bijkomen, lossen dat op. De schijf ligt gelijk met de grond zodat er niets onder kan, of het toestel is een staande draaipaal waar je aan hangt in plaats van op zit. Sommige hebben een rem die aanslaat boven een bepaalde snelheid.

Waar er verhoudingsgewijs veel staan: Sint-Pieters-Leeuw met 7, Turnhout met 5, Tessenderlo-Ham en Lievegem met elk 4.

Waar het misgaat: bijna altijd doordat grotere kinderen de molen op snelheid brengen voor een kleiner kind dat er al op zit. Een peuter laat los zodra het duizelig wordt, en dat is precies het verkeerde moment. Met een kleuter erbij is de regel simpel: jij duwt, niemand anders. Zie naar de speeltuin met een peuter en met een groot en een klein kind.

De wip vraagt een tweede kind

De wip is het enige speeltoestel dat niet werkt in je eentje, en dat is meteen zijn charme en zijn probleem. Op een leeg pleintje staat hij stil; op een druk pleintje is hij het toestel waar het snelst iets wordt afgesproken tussen twee kinderen die elkaar niet kennen.

De meeste staan in Merelbeke-Melle en Sint-Pieters-Leeuw met elk 11, daarna Geel met 10 en Leuven met 9.

Waar het misgaat: de klassieke wip laat zich hard op de grond zakken, en dan komt de staart van de ander met een klap omhoog. Nieuwere modellen hebben daarom een rubberen buffer onder de zitting. Verder: niet rechtop staan, en een kind dat veel lichter is dan zijn tegenpartij komt vast te zitten in de lucht — wat leuk is tot het dat niet meer is.

Er bestaat ook een variant voor één kind, de veerwip of het veertoestel op een veer. Dat is peutergebied en iets anders. En de stawip, waar je op staat in plaats van zit, hoort bij de oudere kinderen.

Waarom dit soort toestellen ertoe doet

Een schommel en een glijbaan doe je alleen. Een wip en een draaimolen niet: die vragen dat je iets afspreekt met iemand anders, en dat is voor veel kinderen precies waarvoor ze naar een plein gaan. Een speeltuin met alleen individuele toestellen is stiller dan een met één wip erbij.

Meer over dat samenspelen in afspreken met vriendjes op de speeltuin en ruzie op de speeltuin.

Staat er bij jou in de buurt een draaimolen of een wip die wij niet kennen, dan kan je dat onderaan die speeltuinpagina aanvullen. Zoeken kan bij jou in de buurt, met de filter op toestellen.

Verder kijken

Speeltuinen in de gemeenten uit dit artikel

Zie ook

Meer uit de Speelgids