Waarom de meeste speeltuinen geen naam hebben
Van de 7.454 speeltuinen op deze kaart hebben er ruim 5.600 geen naam. Dat is drie op de vier. Het is de meest onderschatte eigenschap van openbaar speelgoed in België, en ze verklaart waarom afspreken op een speeltuin zo vaak misloopt.
Waar het vandaan komt
Een park krijgt een naam omdat iemand het opent, met een schepen en een lint. Een speeltuintje van twaalf bij twaalf tussen twee rijen huizen wordt aangelegd door de groendienst en krijgt hoogstens een intern dossiernummer. Er is nooit een moment waarop iemand beslist hoe het heet.
De buurt lost dat zelf op. Elk plein heeft een volksnaam — “het pleintje achter de kerk”, “de blauwe glijbaan”, “bij de kastanjes” — en die naam werkt perfect, tot je hem gebruikt tegen iemand van twee straten verder.
Waarom het uitmaakt
Het maakt uit op precies één moment: als je iets moet doorgeven. Een afspraak met een andere ouder, een melding van een kapot toestel bij de gemeente (zie een kapot toestel melden), een uitleg aan een grootouder die de weg niet kent. Op dat moment blijkt dat de plek waar je kind al twee jaar speelt, geen woord heeft dat buiten je gezin betekenis heeft.
Wat wél altijd werkt: de straatnaam. Elke speeltuin ligt aan of bij een straat, en die straat is uniek binnen de gemeente.
Wat wij doen
Daarom noemen we een naamloze speeltuin hier naar haar straat: “Speeltuin Lijnzaadstraat” in plaats van “Speeltuin”. Op de pagina zelf staat erbij dat de naam van ons komt en niet van een bordje — we doen niet alsof het de echte naam is, want die bestaat niet.
Soms liggen er meerdere speeltuinen aan dezelfde straat, en dan krijgen ze allemaal dezelfde terugvalnaam. We nummeren ze bewust niet: een volgnummer hangt af van de volgorde waarin de data binnenkomt, en die verandert. Het adres eronder en de plek op de kaart maken het verschil duidelijk.
Als je de echte naam kent
Heeft een speeltuin wél een naam — op een bordje, in een gemeentelijk reglement, of gewoon de naam die iedereen in de wijk gebruikt — dan kan je die onderaan de pagina van die speeltuin voorstellen. Elke aanvulling wordt door een mens nagekeken voor ze verschijnt.
Dat is niet alleen cosmetisch. Een speeltuin met een echte naam is vindbaar voor mensen die die naam intikken, en ze is bruikbaar in een gesprek. Voor de gemeenten met de meeste speeltuinen — Antwerpen met bijna 300, Gent met 228, Brugge met 146 — zou dat een groot verschil maken.
Een kanttekening
Geen naam betekent niet: onbelangrijk. De naamloze pleintjes zijn precies de plekken waar de meeste kinderen het vaakst spelen, want ze liggen om de hoek. De grote, mooi benoemde parken zijn een uitstap; het naamloze pleintje is dinsdag na school.
Zoek het pleintje bij jou via in de buurt.