Processierupsen, teken en brandnetels: buiten spelen zonder verrassingen
Buiten spelen is gezond, en dat blijft zo. Maar er zijn drie dingen die een middag kunnen verpesten, en alle drie zijn ze eenvoudig te vermijden als je weet waar je naar kijkt. Geen van de drie is een reden om thuis te blijven.
De eikenprocessierups
Wanneer. Ruwweg van mei tot juli, met de piek eind mei en juni. Daarna verdwijnen de rupsen, maar de nesten blijven hangen, en die zijn nog maandenlang vervelend.
Waar. Uitsluitend in eiken, vooral in rijen eiken langs wegen en aan de rand van speelterreinen. Je herkent het nest als een grijswitte, viltachtige prop tegen de stam of een dikke tak, alsof er spinrag met zand doorheen zit. De rupsen zelf lopen in een lint achter elkaar aan — vandaar de naam.
Waarom het vervelend is. Niet de beet: de haartjes. Vanaf hun derde vervelling dragen de rupsen duizenden microscopische brandharen die makkelijk afbreken en meewaaien. Op de huid geven ze jeukende bultjes, in de ogen irritatie, en ingeademd een prikkelhoest. Ook een leeg nest van vorig jaar zit nog vol haartjes.
Wat je doet.
- Blijf op afstand, ook van de grond onder de boom. Niet aanraken, niet met een stok in het nest porren — dat is precies wat een kind wil doen, dus zeg het vooraf.
- Wél haartjes op de huid: niet wrijven of krabben. Afplakken met plakband en aftrekken haalt veel haartjes weg. Daarna douchen en de kleren op zestig graden wassen.
- Jeuk verzacht met koelen; bij klachten aan de ogen of de luchtwegen ga je langs de huisarts.
- Meld een nest bij je gemeente, met een foto en de locatie. Gemeenten laten ze weghalen, maar ze weten alleen van de nesten die iemand doorgeeft — net als bij een kapot toestel.
Teken
Waar. In hoog gras, in struikgewas en aan bosranden — dus vooral bij natuurspeeltuinen, speelbossen en de ruige randen van een park. Op een geschoren gazon of in een zandbak kom je ze zelden tegen.
Wat je doet. Kijk na het spelen even na: knieholtes, liezen, oksels, achter de oren, en bij kinderen ook de haargrens. Zit er een, haal hem er dan snel uit met een tekentang of een fijn pincet — recht naar buiten trekken, niet draaien, niet eerst insmeren met iets. Noteer de datum. Krijgt de plek in de weken erna een uitbreidende rode ring, of wordt het kind ziek, dan bel je de huisarts.
Lange broek in het bos, een lichte kleur (dan zie je ze), en na afloop kijken: dat is het hele recept. Verder loopt niemand het risico van een tekenbeet mis door binnen te blijven — die weegt niet op tegen een namiddag in het bos.
Brandnetels, berenklauw en de rest van de rand
Brandnetels branden een halfuur en zijn daarna vergeten. Vervelender is de reuzenberenklauw: een manshoge plant met witte schermen, waarvan het sap in combinatie met zonlicht echte blaren geeft, soms pas een dag later. Aanraking wassen met water en zeep, uit de zon blijven, en bij blaren naar de dokter.
Bessen en paddenstoelen langs de rand van een speelterrein: het standaardantwoord blijft “we kijken, we plukken niet”. Twijfel je over wat een kind binnen heeft, bel dan het Antigifcentrum op 070 245 245.
De gewone dingen
Wespen vanaf augustus, teken in het bos, een schrammetje aan een klimrek. De praktische uitrusting is klein: een pincet thuis, pleisters in de tas, en weten waar het dichtstbijzijnde eikenlint staat. Zie ook als er iets gebeurt op de speeltuin en wat neem je mee.
Zoek een speeltuin in de buurt — en kijk in het voorjaar even omhoog naar de bomen erlangs.